7 stappen voor een professionele brandbeveiliging - Watchguard Security

7 stappen voor een professionele brandbeveiliging

Bij brandbeveiliging geldt de regel dat het redden van mensenlevens primeert boven al het andere.  Het is dus van belang dat u een goede brandbeveiligingsinstallatie plaatst.  Tevens dient uw brandbeveiliging te voldoen aan de wettelijke eisen en normatieve regelgeving.  In dit geval de NBN S21-100 1 en 2. Of het nu gaat over bedrijfsgebouwen, fabrieken, openbare gebouwen, hotels, flatgebouwen of woningen, een professionele brandbeveiliging is noodzakelijk voor iedereen.

1. Is uw installatie conform de regelgeving?BOSEC, NBN S21-100, basisnormen, brandbeveiliging, branddetectie, brandalarmsysteem, ARAB, ARAB art. 54, Codex welzijn op het werk

Hierover bestaat veel misvatting wat veelal gebruikt wordt als excuus om dit dan zelf naar eigen inzicht te gaan invullen en kosten te sparen.  Er gelden echter welbepaalde wettelijke regels betreffende brandbeveiliging.  Zowel het KB van 7 juli 1994 ook wel de basisnormen genoemd en de Codex Welzijn op het werk als het ARAB vormen hier het wettelijk kader.

Het niet naleven van deze normering met betrekking tot brandveiligheid wordt door de rechtbank beschouwd als een zware nalatigheid en is opgenomen in de Codex over het Welzijn op het werk, Boek III, Titel 3.

U kan deze nalezen op de officiële website van de FOD Werkgelegenheid op volgende link

Tevens dient er een risico analyse te worden opgemaakt die bepaalt welke maatregelen u dient te nemen.  Hier kan uw installateur eventueel helpen.

Bijkomend kan uw verzekeraar bepaalde eisen stellen in het kader van hun voorwaarden.   Wanneer het brandalarmsysteem niet voldoet aan de normering kan hij weigeren te verzekeren of uit te keren bij schade.

2. De keuring bij oplevering

We komen veel tegen dat bij oplevering van de brandbeveiliging deze gekeurd wordt op werking in plaats van op normering vanwege de kost hiervan.  Deze handelswijze kan u echter duur te staan komen.  Deze keuringsverslagen garanderen geenszins dat uw installatie conform de regelgeving is.  Ze tonen enkel aan dat de geteste apparatuur werkte op het ogenblik van de inspectie.   Ze geven geen aanduiding dat bij een eventuele beginnende brand deze ook tijdig zal ontdekt worden zoals wordt vooropgesteld door de normering.

De hoeveelheid, de afmetingen, de opstelling van de detectiecomponenten en de manier waarop de installatie werd getest wordt doorgaans ook vaag beschreven.  In geval van brand zal u zich niet kunnen verschuilen achter dit soort van afgeleverde verslagen.  U bent in dit geval dus volledig aansprakelijk met alle gevolgen van dien.

3. ‘goede werking’ versus ‘verwachte werking’  Een groot verschil !!!

Bij goede werking worden er geen controles uitgevoerd op het vlak van de normering en de wettelijke en normatieve conformiteit van de installatie.  U heeft dus geen zekerheid dat de installatie haar vooropgestelde doelstelling zal behalen, namelijk het tijdig signaleren van een beginnende brand en het redden van mensenlevens.

Ik verduidelijk met een voorbeeld:

Een lokaal kan uitgerust zijn met 2 rookdetectoren waardoor het auditverslag ‘goede werking’ kan aangeven dat de geteste apparatuur goed werkt en de installatie zich in goede staat bevond op het ogenblik van de audit door de keuringsinstantie.  Toch kan dit niet conform zijn waardoor u een groot risico loopt.  Volgens de normering zou gezien de grootte, het volume en de brandcompartimentenring van het lokaal deze ruimte moeten uitgerust zijn met bijvoorbeeld 8 detectoren en een geluidssignaal van minstens 65dB bij alarmmelding én overwaakte kringen doch dit is niet gecontroleerd.

Het is juist deze conformiteit die u de garantie geeft dat het systeem voldoet én een goede en snelle detectie biedt bij brand zoals vooropgesteld door de NBN S21-100 1 en 2.  Tevens dient het brandalarmsysteem conform te zijn aan EN54-13 wat bepaalt dat er een compatibiliteit is tussen de onderdelen van het systeem.

We kunnen dus concluderen dat een werkingstest slechts een onderdeel is van de volledige controle van het brandsysteem en dus geen garanties kan bieden op het vlak van goede werking.

4. Aansprakelijkheid

Brandbeveiliging volgens NBN S21-100, keuring op werking, keuring op normIn veel gevallen komen we nog steeds tegen dat er afgeweken wordt van het ontwerp van de normatieve installatie conform NBN S21-100.  Er wordt een keuring op werking aangevraagd, of dat uiteindelijk de keuring op norm niet wordt uitgevoerd doch enkel een keuring op werking vanwege de kostprijs hiervan.

De Wet is hierover zeer duidelijk en stelt dat indien er een norm bestaat, in dit specifieke geval de NBN S21-100 1 en 2 dat men die moet toepassen.  Het niet toepassen of doen toepassen van deze normen met betrekking tot brandbeveiligingsinstallaties kan door de rechtbank beschouwd worden als zware nalatigheid.

Bij schade zal echter steeds een aansprakelijke gezocht worden en zal tevens het keuringsverslag op de tafel komen.  Indien er kan aangetoond worden dat de installatie niet conform de normering is uitgevoerd kan u aansprakelijk gehouden worden met alle gevolgen van dien en zal de kost van de installatie of de keuring niet opwegen tegen de kosten van de schade.  Bovendien bent u in overtreding met de Codex voor het welzijn op het werk en het ARAB waardoor u bijkomende sancties kan oplopen.

Wanneer het komt tot een rechtszaak zal het keuringsorganisme ook aanvoeren dat u opdracht heeft gegeven voor enkel een keuring op werking en met de offerte en bestelbon bovenkomen en aanvoeren dat zij uitvoeren wat u heeft besteld.  Doorgaans vermelden zijn in hun offerte en/of verslag dat de controle onvoldoende is en er een conformiteit op norm moet aangevraagd worden waardoor de aansprakelijkheid bij u ligt.

5. Hoe een brandbeveiliging opbouwen die voldoet?

  • Kies een goede installateur.
  • Het concept wordt opgemaakt aan de hand van de aangeleverde risicoanalyse.
  • Het concept van de installatie wordt ter keuring aangeboden bij het keuringsorganisme.
  • De installatie wordt aan de hand van dit goedgekeurde concept uitgevoerd.  Zo vermijd u nadien mogelijke extra kosten.
  • Bij grote installaties of installaties over langere periode of bij wijzigingen aan het gebouw kan een tussentijdse keuring aanbevolen zijn inzake norm conformiteit.
  • Bij oplevering van de installatie wordt de brandalarminstallatie gekeurd op norm.  Dus volgens opbouw, normatieve voorwaarden en werking.

6. Installateur – installatie – oplevering – periodiek onderhoud

Het is belangrijk dat u hier steeds beroep doet op een goede en gecertificeerde  installateur maar ook dat de installatie bij oplevering gekeurd wordt op norm door een erkend keuringsorganisme.  Een goede installateur zal steeds starten vanuit de door de klant aangeleverde risicoanalyse en rekening houden met de basisnormen en wetgeving.

Bij de uiteindelijke oplevering zal gekeken worden of de installatie voldoet aan de normering zoals deze bij het ontwerp opgemaakt is en zal u hiervan een conformiteitsverslag ontvangen.

Bijkomend dient de installatie periodiek te worden onderhouden door een gekwalificeerde installateur die de installatie nakijkt op werking en of deze blijft voldoen aan de geldende normering.

7. Het conformiteitsrapport

Het conformiteitsrapport wordt afgeleverd door de keuringsinstantie en vermeld volgende zaken:

  • Een duidelijke definitie van de installatie.
  • Vermeld duidelijk de referenties tegenover dewelke de conformiteit gevalideerd is.
  • Het BELAC accreditatielogo.  Dit garandeert dat het rapport voldoet aan alle eisen van de norm EN/ISO/IEC 17020
    • Opleiding van de inspecteur
    • Onpartijdigheid van de inspecteur
    • Supervisie van de inspecteur
    • Bekwaamheid in de referenties
    • Duidelijke conclusies
    • Opmerkingen die afkomstig zijn van de referenties
    • Een audit kan ondergaan van de accreditatie – instelling

bronnen:

Meer weten over uw brandbeveiliging?  Contacteer de veiligheidexperts van AEV Vochten.